Biografie

Geboren in 1962 groeit Karen op in een kunstminnende omgeving, waarin haar liefde voor tekenen en schilderen en kunst in het algemeen, werd gestimuleerd.

 

Karen gaat kunstgeschiedenis in Leiden studeren (1983-1988) maar blijft daarnaast tekenen en schilderen. Gedurende die jaren maakt zij deel uit van een groep kunstenaars, waaronder Lia Laimböck, die een ruimte huurt aan het Rapenburg waar elke week naar model getekend en geschilderd wordt.

 

Na haar studiejaren legt zij zich, naast vrij werk, toe op het schilderen van portretten in opdracht.
Sinds een aantal jaar geeft zij teken- en schilderlessen in haar sfeervolle atelier aan huis.

 

 

Invloeden:

 

 

E.B. von Dülmen Krumpelmann (1897-1987)

 

Karen had een sterke band met haar oudoom, de schilder E.B. von Dülmen Krumpelmann. Van hem leerde zij aquarelleren. De laatste jaren van zijn leven bracht zij in de zomermaanden een paar weken bij hem door in Zeegse (Drenthe) en schilderden ze veel samen buiten.

 

Lucian Freud (1922-2011)

 

In 1988 maakte Karen kennis met het werk van Lucian Freud tijdens een tentoonstelling van zijn werk in Parijs. Diep onder de indruk besloot ze hem een brief te schrijven, die tot haar vreugde beantwoord werd: Freud nodigde haar uit om in de zomer van datzelfde jaar naar Londen te komen en dat werd het begin van een bijzondere vriendschap, die duurde tot Freud’s dood in 2011. Onder aanmoediging van Freud koos Karen uiteindelijk voor het full time kunstenaarschap.

 

Phil van de Klundert (1942-2016)

 

In 1990 ontmoet Karen de Haagse kunstenaar Phil van de Klundert. Hij werd een belangrijke mentor in de (technische) ontwikkeling van haar beeldhouwwerk. Vanaf die tijd tot 2006 werkt ze op het atelier van Phil en ontstaan haar eerste sculpturen en portretten in beton en brons. Alhoewel hun werk zeer verschillend is, is er een overeenkomst in aanpak en delen ze het gevoel dat creëren een persoonlijke levensbehoefte is.

 

 

Werk:
(Tekst: Peter Fransman, voormalig Directeur Museum Het Domijn, Sittard. 2017)

 

“De menselijke vorm is zowel in Karen’s schilderijen als in haar sculpturen het onderwerp. In haar sculpturen, in diverse materialen uitgevoerd, wordt het onderwerp op een impressionistische manier benaderd. Maar niet alleen dat, de figuur wordt vertaald in vlakken die het licht vangen. Soms is het landschap van de vorm verdeeld in gladde rondingen, soms in hoekige tegenbewegingen.
Wat zij in feite doet is “drie dimensionaal schilderen” met was of klei.

 

Wanneer het werk onder kunstlicht te zien is, verandert er weinig. Maar stelt u zich eens voor hoe dit werk in een niet gelijkmatig daglicht te zien is. Het werk kan dan als het ware van de ene lichtval in de andere gezet worden en steeds ziet u weer een nieuw werk, oftewel krijgt u een andere kijk op de werkelijkheid van het beeld.
Dit “schilderen met materiaal” herken je des te meer als je haar schilderijen en aquarellen kent. De vlakmatige aanpak in harmonie met het model en de werkelijkheid zelf, vind je daarin terug.
Ook de invloed van haar kennis van de techniek en het werk van haar oudoom en Lucian Freud zijn daar debet aan. Zij heeft haar eigen weg gevonden om daar mee om te gaan en dat is wat zo fascinerend is aan het werk. Dat is ook waarom dit werk zo betovert.

 

Dit is werk dat je om je heen moet hebben, werk dat moet spelen met het daglicht. Het geeft de toeschouwer alle vrijheid om te interpreteren en het tot zich te laten komen. Als het gaat om de werking van bijvoorbeeld de portretten in brons, dan zie je dat het verder gaat dan een afbeelding van de werkelijkheid en dat de persoon naar voren komt zoals die is. Geen fotografische realiteit, maar een ziel en een karakter komen naar voren. Dat geldt ook voor haar vrouwenfiguren: Je ziet direct dat het lichamen zijn die, los van leeftijd, doorleefd zijn en die doorleefd zijn weergegeven.”